Steenkunde
Graniet? Porfier? Kwarts? Blauwsteen?
Veel van die termen worden verkeerdelijk gebruikt en zijn nochtans belangrijk voor het bepalen van het type diamantgereedschap. Hierbij een summier overzicht.
Magmatische (stollings)gesteenten
Ontstaan door afkoeling en kristallisatie van magma.
Voorbeelden:
- Graniet (langzame afkoeling, diepgesteente - Mohs 6-7)
- Basalt (snelle afkoeling, uitvloeiingsgesteente - Mohs 5-6)
- Porfier (eerst langzame en dan snelle afkoeling, ganggesteente - Mohs 6-7)
Sedimentaire gesteenten
Ontstaan door afzetting en verharding van sedimenten (zand, klei, organisch materiaal).
Voorbeelden:
- Zandsteen (platine, tandu - Mohs 6-7)
- Kalksteen (arduin - Mohs 3-4)
- Schalie (broos/gelaagd - Mohs 2-4)
Metamorfe gesteenten
Ontstaan uit bestaande gesteenten door hoge druk en temperatuur.
Voorbeelden:
- Leisteen (kwartsiet - Mohs 7)
- Marmer (kalksteen - Mohs 3-5)
- Gneis (zandsteen/graniet - Mohs 6-7)
Bron: Naturstein für Anwender / Rainer Weber, Detlev Hill 1/11/2013